Alle ACT vaardigheden hebben 6 tools en spiekbrief 'hoe te gebruiken'.
Overzicht nieuwe tools →Waarom onze reflex om eenzaamheid direct op te lossen averechts werkt. Van pijnlijke isolatie naar de kracht van alleen-zijn.
Lees artikel →Ruimte maken als het hoofd vastloopt. Waarom vechten tegen gedachten is als vechten tegen drijfzand.
Lees artikel →Twee modellen, één doel. Waarom ik vaak voor het Keuzepunt kies, maar de Matrix voor sommige cliënten juist de sleutel is.
Lees artikel →Hoe ACT bijdraagt aan herstel bij EPA-cliënten. Waarom de transdiagnostische en waardengerichte aanpak zo goed past in de wijk.
Lees artikel →Waarom "naar je gevoel luisteren" vaak je grootste valkuil is. Een pleidooi om te stoppen met interpreteren en te beginnen met waarnemen.
Lees artikel →Als therapeuten zijn we getraind om te luisteren naar verhalen. Maar wat als de inhoud van dat verhaal precies is wat het herstel in de weg zit?
Lees artikel →Herken je dat? Een cliënt zit tegenover je en zit muurvast in een web van overtuigingen. "Ik ben niet goed genoeg", "Ik moet alles alleen doen", of "Het wordt toch nooit wat".
Vaak proberen we als behandelaars deze gedachten uit te dagen. We gaan op zoek naar bewijs tegen de gedachte, of we proberen de cliënt positiever te laten denken. Maar in de ACT-benadering weten we: vechten tegen gedachten is als vechten tegen drijfzand. Hoe harder je trapt, hoe dieper je wegzakt.
Dit is het moment van Creatieve Hopeloosheid. Het is niet 'somber' of 'depressief'. Het is het moment waarop we samen met de cliënt tot de conclusie komen dat de strategie die ze tot nu toe hebben gebruikt (vechten, vermijden, beredeneren) simpelweg niet werkt. Het is een vruchtbare bodem voor iets nieuws.
De Swiper helpt cliënten om hun overtuigingen niet langer te zien als absolute waarheden, maar als wat ze werkelijk zijn: een stroom van woorden en beelden.
Door de overtuigingen in de tool letterlijk naar links of rechts te swipen, gebeuren er drie dingen:
In een sessie kun je de Swiper inzetten nadat je de vruchteloosheid van het piekeren hebt besproken. Vraag de cliënt: "Zullen we eens kijken welke 'passagiers' er vandaag op je bus zitten? We gaan ze niet bevechten, we gaan ze alleen maar even bekijken."
Open de Overtuigingen Swiper →14 februari 2026
Alle ACT vaardigheden (creatieve hopeloosheid, acceptatie, defusie, hier-en-nu, zelf-als-context, waarden en handelen, psychologische flexibiliteit) hebben 6 interactieve tools met bijbehorende spiekbrief over hoe de tools effectief in te zetten.
Download 'De ACT Gereedschapskist' met alle samenvattingen en tips voor in de sessie.
📄 Download Gereedschapskist →12 februari 2026
De Tijdreiziger is toegevoegd aan Zelf als Context. Haal advies bij je 80-jarige zelf (Toekomstig Zelf). Hoe kijkt die terug op dit probleem?
Ga naar de Tijdreiziger →12 februari 2026
De Keerzijde is toegevoegd aan waarden. Bewust worden van de keerzijde van een waarde. Hier zit vaak pijn en de vraag is of een waarde zonder de pijn kan.
Ga naar de Keerzijde →4 februari 2026
De Zenuwladder is toegevoegd aan acceptatie. Waarom 'gewoon ontspannen' soms niet lukt. Leer je zenuwstelsel begrijpen en reguleren, met uitleg over de polyvagaaltherorie en tips.
Ga naar de Zenuwladder →3 februari 2026
De Koffer is toegevoegd aan acceptatie. Is acceptatie hetzelfde als opgeven? Ontdek het verschil en leer je 'bagage' meenemen.
Ga naar de Koffer →2 februari 2026
De Spiegel is toegevoegd aan 'zelf als context'. Conflict als leermeester. Kijk in de spiegel en ontdek wat je raakt, zonder dat je het 'bent'.
Ga naar de Spiegel →30 januari 2026
De ACT Matrix is toegevoegd aan psychologische flexibiliteit. Vul samen met je cliënt de matrix in en print de uitkomst uit. Geeft niet alleen veel inzicht maar meteen praktische handvatten.
Ga naar de ACT Matrix →28 januari 2026
De hier en nu tools zijn uitgebreid van 4 naar 6 interactieve oefeningen. De 'Reset via EVA' en de Zintuigen-Scan maken de set compleet. Om te weten welke je nodig hebt is een handige spiekbrief toegevoegd.
Bekijk de 6 Hier en nu tools →26 januari 2026
De defusie tools zijn uitgebreid van 3 naar 6 interactieve oefeningen. De Gedachtenvanger (een spel), de Labelaar (oude bekende) en Gedachten-Wolken (klassieker) maken de set compleet. Om te weten welke je nodig hebt is een handige spiekbrief toegevoegd.
Bekijk de 6 defusie-tools →Je kent het moment wel in de spreekkamer. De cliënt zakt wat in, de blik gaat naar beneden en de woorden komen er zwaar uit: "Ik voel me dit weekend weer zo ontzettend eenzaam." Als therapeuten voelen we direct de aandrang om te helpen. Onze empathische reflex schiet aan.
We valideren de pijn en, voor we het weten, sturen we aan op een oplossing. "Heb je geprobeerd om...?", "Je bent toch een leuk mens, je vindt wel weer aansluiting," of we gaan samen het sociale netwerk in kaart brengen.
Maar wat als we met deze goedbedoelde troost de cliënt eigenlijk beroven van zijn grootste kans op psychologische vrijheid?
In de kern is eenzaamheid geen gebrek aan mensen; het is een vlucht. Het is de paniek die ontstaat wanneer de cliënt oog in oog komt te staan met zijn eigen innerlijke leegte. Om dat ongemak niet te voelen, zoekt de mens naar 'vulling'. Die vulling kan een relatie zijn, maar net zo goed eindeloos scrollen, overwerken of piekeren.
Wanneer wij als therapeuten meedenken over hoe we die eenzaamheid kunnen "oplossen" (lees: vullen), bevestigen we onbewust de overtuiging van de cliënt: dit gevoel is onverdraaglijk en moet zo snel mogelijk weg. We faciliteren de vlucht. Daarmee houden we de afhankelijkheid – en de bijbehorende angst om de ander te verliezen – in stand.
Onze taak is niet om van eenzaamheid af te komen, maar om de cliënt te begeleiden naar 'alleen-zijn' (aloneness). Waar eenzaamheid voelt als een koud isolement vol verzet tegen het Nu, is alleen-zijn een actieve, krachtige staat van heelheid. Iemand die werkelijk alleen kan zijn, is niet verdeeld. Hij heeft de ander niet nodig als pijnstiller, en kan daardoor pas écht verbinden.
De overgang van pijnlijke isolatie naar krachtige heelheid vraagt om wat we binnen ACT goed kennen: meedogenloos zacht zijn. We moeten de cliënt leren blijven waar hij normaal gesproken vlucht.
Verander je rol van trooster in de spreekkamer naar een facilitator van transformatie. Laat de cliënt ervaren dat de deur naar werkelijke vrijheid dwars dóór de leegte heen gaat, niet eromheen.
Als je door de ACT-wereld wandelt, kom je vroeg of laat in twee kampen terecht. Aan de ene kant heb je de aanhangers van De Matrix (Kevin Polk) en aan de andere kant de fans van Het Keuzepunt (Russ Harris/Ciarrochi/Bailey).
Sinds deze week staat de ACT Matrix ook digitaal in de werkplaats. En eerlijk is eerlijk: hoewel ik zelf in de praktijk bijna altijd naar het Keuzepunt grijp, is de Matrix een waanzinnig krachtige tool.
Maar wat is nu eigenlijk het verschil? En wanneer gebruik je wat?
Laten we vooropstellen: in de kern doen ze precies hetzelfde. Beide modellen helpen je cliënt om twee fundamentele ACT-vragen te beantwoorden:
Ze leren je cliënt allebei om gedrag te discrimineren: beweeg ik nu weg van mijn pijn, of naar mijn waarden toe?
Voor mij persoonlijk voelt het Keuzepunt het meest dynamisch. Het is een actiemodel. Er is een situatie, er zijn 'haken' (gedachten/gevoelens), en BAM: daar is het keuzemoment.
Ga je aan de haak (wegbewegen) of kom je los (toenaderen)? Het is visueel heel sterk omdat het de consequentie van gedrag laat zien: de pijl naar links leidt tot een ander leven dan de pijl naar rechts.
Mijn conclusie: Ideaal voor focus op het moment van kiezen en het doorbreken van patronen.
De Matrix voegt een extra dimensie toe: de verticale as. Het onderscheid tussen Binnen (mentale ervaringen) en Buiten (zintuiglijke waarnemingen). Hierdoor is de Matrix meer een sorteer-taak. Je helpt de cliënt om alles wat door elkaar loopt even rustig in vier laatjes te stoppen.
Mijn conclusie: Het creëert letterlijk afstand (defusie) door te sorteren. Heel fijn voor cliënten die overspoeld raken door chaos.
Waarom gebruik ik liever het Keuzepunt? Omdat ik houd van de eenvoud van die "V-splitsing". Het nodigt uit tot directe actie in de spreekkamer. Maar ik merk dat sommige cliënten dat te abstract vinden. Zij hebben de houvast van de vier kwadranten nodig.
Binnen de FACT-teams zijn we gewend om intensieve zorg te bieden aan mensen met ernstige psychische aandoeningen (EPA). De focus ligt op stabilisatie, herstel en meedoen in de maatschappij. Steeds vaker zien we dat Acceptance & Commitment Therapy (ACT) hierin een onmisbare schakel wordt.
Gezien de complexiteit van de problematiek bij onze doelgroep, werkt een strikte 'klachtgerichte' aanpak niet altijd. Chronisch lijden laat zich niet altijd oplossen. ACT biedt hier een ander perspectief:
Veel cliënten zijn vastgelopen in experiëntiële vermijding: het krampachtig proberen te ontsnappen aan nare gevoelens, waardoor hun wereld steeds kleiner is geworden. Door psychologische flexibiliteit te trainen, leren ze dat ze de strijd kunnen staken. De energie die vrijkomt, kan naar re-integratie, sociale contacten of dagbesteding.
Een mooie tool om binnen FACT te gebruiken is de Bull's Eye. Hiermee breng je visueel in kaart hoe het staat op de vier levensgebieden (Werk/Opleiding, Relaties, Persoonlijke groei, Ontspanning) en waar de cliënt in de roos schiet of juist ver verwijderd is van een waarde(n)vol leven.
Open de Bull's Eye →Het is het mantra van de moderne hulpverlening, van de mindfulness-coach tot de psycholoog: "Je moet meer naar je gevoel luisteren."
Het klinkt prachtig. Het klinkt als bevrijding. Maar wat als ik je vertel dat dit advies vaak precies de reden is waarom je vast blijft zitten? Wat als dat 'gevoel' waar je zo aandachtig naar luistert, niets anders is dan een leugenaar die zoekt naar veiligheid?
We maken een cruciale denkfout. We denken dat onze gevoelens een soort diepere waarheid bevatten. Een kompas dat ons de weg wijst. Maar laten we eens kijken wat een gevoel feitelijk is. In de meeste gevallen is wat jij een 'gevoel' noemt, niets meer dan een gedachte die fysiek is geworden.
Stel: iemand kijkt je op een bepaalde manier aan. Je brein denkt razendsnel: "Dit is afwijzing." Je maag verkrampt. En jij zegt: "Ik voel me onveilig."
Is dat de waarheid? Staat er een tijger in de kamer? Nee. Je bent fysiek veilig. Maar je ego voelt zich bedreigd. Door dat gevoel serieus te nemen als een feit, valideer je de oude conditionering.
Je hersenen hebben maar één taak: overleven. Ze scannen de omgeving constant op alles wat afwijkt. Zodra er onzekerheid is, slaat het brein alarm. Het zoekt naar veiligheid en controle.
Betekent dit dat we moeten onderdrukken? Integendeel. We moeten stoppen met interpreteren en beginnen met waarnemen.
Zodra je zegt: "Ik ben boos", heb je de sensatie gelabeld en jezelf tot 'de boze persoon' gemaakt. Dat voelt veilig en vertrouwd.
Echte orde ontstaat pas als je dat label eraf scheurt. Durf je de hitte in je borst te voelen, zonder het 'kwaadheid' te noemen?
De volgende keer dat iemand vraagt: "Wat voel je nu?", trap dan niet in de val van het verhaal. Kijk naar de feiten. Er is spanning. Er is een versnelde hartslag. Dat is wat is. De rest is ruis.
Stop met het zoeken naar veiligheid in je gevoelens. Vind de vrijheid in het simpelweg zien van wat er is.
Gebruik de Reset-tool →Er is een grote verleiding in onze behandelkamer: de verleiding van de inhoud. Een cliënt komt binnen met een dramatisch levensverhaal, vol onrecht, pijn en mislukking. Onze empathische reflex is om in dat verhaal te stappen. We gaan analyseren, we gaan troosten, en soms proberen we zelfs het script te herschrijven ("reframing").
Maar binnen ACT stellen we een radicale vraag: Helpen we de cliënt echt door zijn rol in dat verhaal te valideren? Of bevestigen we daarmee onbedoeld de fusie met het zelfbeeld?
Zolang een cliënt gelooft dat hij de hoofdrolspeler is in een tragedie, zal hij proberen de film te stoppen of het einde te veranderen. Dat is uitputtend. Het alternatief is niet om het script te veranderen, maar om van positie te wisselen.
Dit is de essentie van Zelf als Context. We leren de cliënt dat er een deel in hem is dat onbeschadigd is door trauma. Niet door het trauma te ontkennen, maar door te beseffen dat zij de 'ruimte' zijn waarin de ervaring plaatsvindt.
Dit is lastig uit te leggen met woorden, omdat taal zelf onderdeel is van 'het verhaal'. Daarom werkt visualisatie hier vaak beter dan gesprekstechnieken.
Nodig je cliënt eens uit om letterlijk in de bioscoopstoel te gaan zitten. Laat hem kijken naar zijn eigen piekergedachten alsof het een voorfilm is. Is het een horror? Een drama? Een saaie herhaling?
De cruciale vraag is niet: "Klopt deze film?", maar: "Wie zit er eigenlijk naar te kijken?"
Open de Filmzaal tool →